Mag een thuisbatterij in de woonkamer?
Het NIPV adviseert een aparte ruimte en niet in een verblijfsruimte of vluchtroute [1].
In één zinHet NIPV adviseert een vaste thuisbatterij in een aparte ruimte te plaatsen (technische ruimte, garage, schuur), niet in een verblijfsruimte of vluchtroute, met een optische rookmelder.
Er zijn geen specifieke bouwvoorschriften voor thuisbatterijen, alleen algemene eisen aan elektrische installaties [1]. Het rapport is van 10 december 2024.
Het onderzoek gaat over vaste thuisbatterijen van 3 tot 20 kWh die onderdeel zijn van de elektrische installatie. Stekkerbatterijen vallen er niet onder [1].
Voor thuisbatterijen bestaan geen specifieke bouwvoorschriften; wel gelden de algemene eisen (NEN 1010 en het Besluit bouwwerken leefomgeving). PGS 37-1 geldt voor systemen boven 20 kWh maar kan als richtlijn dienen. Afstanden tot warmtebronnen en vluchtwegen verschillen per fabrikant en zijn volgens het NIPV niet onderbouwd [1].
Er zijn weinig betrouwbare gegevens. Het NIPV verwijst naar een DNV-GL-rapport uit 2019 met indicatieve cijfers, en noemt een hogere faalkans voor batterijen dan voor gewone huishoudapparaten [1]. Wij nemen die cijfers niet over, omdat ze indicatief en oud zijn.
Het NIPV-rapport is een advies, geen wet. Dat betekent dat jij en je installateur zelf de afweging maken, en dat een verzekeraar of gemeente eigen eisen kan stellen. Praktisch komt het hierop neer: kies een ruimte die je kunt afsluiten en ventileren, houd vluchtroutes vrij, en zorg dat je weet wat je moet doen als de rookmelder afgaat. Bij twijfel: bel de brandweer niet na een incident, maar vraag vooraf je installateur om de keuze van de plek schriftelijk te onderbouwen.
Voor stekkerbatterijen geldt een andere afweging; lees daarvoor stekkerbatterij en veiligheid.